De Liefdezusters van het Kostbaar Bloed
Op 18 oktober 1842 deed onze stichteres, Gertrud Sickermann, geboren in 1819 te Reinbach (Duitsland), haar intrede in de Congregatie van Liefde van de Heilige Carolus Borromeus te Maastricht – de “Zusters Onder de Bogen”- waar zij haar kloosternaam kreeg: Zuster Seraphine. Nadat zij gedurende tien jaar leidster was geweest van hun weeshuis in Maastricht, zond de Generale Overste, Moeder Elisabeth Gruyters, haar naar Sittard om daar hun eerste succursaalhuis buiten Maastricht te stichten.
Op 6 oktober 1857 vestigde zij zich met zes medezusters op de Sint Agnetenberg in de Plakstraat te Sittard om daar armen, zieken en wezen te verzorgen.
Reeds na enkele jaren bleek, dat de nieuwe vestiging zich financieel niet staande kon houden. Het Moederhuis in Maastricht wilde daarom deze stichting in Sittard weer ophebben. De bevolking van Sittard wilde de zusters echter niet laten gaan en nam, via Deken Roersch van Sittard contact op met de bisschop van Roermond, Mgr. Paredis. Deze reageerde met de woorden: Het is mijn wens, dat de zusters in Sittard blijven en voortgaan “In nomine Domini”. Met een bezwaar gemoed verklaarde onze stichteres, Moeder Seraphine, zich toen bereid, haar moeilijke taak in Sittard voort te zetten.
Op 18 juni 1862 werd de nieuwe stichting door het bisdom Roermond in een brief aan Meoder Seraphine goedgekeurd. Er was een nieuwe Congregatie gevormd onder jurisdictie van Mgr. Paradis.
Na de dood van Moeder Seraphine in 1876, werd het Moederhuis verplaatst naar Koningsbosch.
In 1980 werden de Constituties door Paus Leo XIII goedgekeurd en kreeg de Congregatie de titel “Pauselijk”. Gelijkertijd veranderde de naam van de Congregatie in: “Zusters van de Christelijke Liefde, Dochters van het Kostbaar Bloed van onze Heer Jezus Christus.”
In 1947 werden de Constituties herzien en werd de naam ingekort tot: “Congregatie van de Liefdezusters van het Kostbaar Bloed.”